Advocaat Tim Van Cauter

Advocaat Waregem: Tim Van Cauter


Is de renovatie van renoveerbare panden minder belangrijk geworden voor de Vlaamse Regering?!

- Februari 2018 -
Op 16 maart 2018 keurde de Vlaamse Regering definitief het ontwerp van decreet goed dat het verkooprecht zal hervormen en de vereenvoudiging van de registratiebelasting beoogt. De Vlaamse regering wil de nieuwe regeling in werking laten treden op 1 juni 2018. De belangrijkste krachtlijn van de hervorming betreft de afschaffing van het klein beschrijf en de invoering van een vereenvoudigd verlaagd tarief van 7% voor de aankoop van de gezinswoning. De bestaande gunstregimes gaan hierdoor op de schop: niet enkel het abattement en het bij-abattement verdwijnen, maar ook het renovatie-abattement wordt afgeschaft.

 

 Doel en kenmerken van het renovatie-abattement

Het renovatie-abattement werd vanaf 1 september 2009 ingevoerd ter aanmoediging van het opnieuw in gebruik nemen van nog renoveerbare panden die niet meer worden benut op het moment van aankoop. Meer bepaald gaat het over panden die op het moment van aankoop voor ten hoogste vier jaar geregistreerd zijn als leegstaand, verwaarloosd, ongeschikt of onbewoonbaar[1].

Indien deze panden binnen een termijn van twee jaar na aankoop als hoofdverblijfplaats worden aangewend, heeft de koper recht op een renovatie-abattement van 30.000,00 EUR[2]. Dit abattement houdt in dat aan de koper van dergelijke panden een voetvrijstelling wordt toegekend met betrekking tot de verschuldigde registratiebelasting. De koper verwerft hierdoor een financieel voordeel van 3.000,00 EUR wanneer het gewoon kooptarief van 10% verschuldigd is en een besparing op de verschuldigde registratiebelasting van 1.500,00 EUR wanneer het een pand betreft waarop het tarief van 5% registratiebelasting (‘klein beschrijf’) toepasselijk is.

De voorwaarden om te kunnen genieten als koper van het renovatie-abattement zijn niet dezelfde als de voorwaarden die van toepassing zijn het op gewone abattement en het bij-abattement. Zo kunnen ook rechtspersonen thans genieten van het renovatie-abattement. Bovendien is een koper niet uitgesloten van het renovatie-abattement omdat zij reeds volle eigenaar is van een ander onroerend goed dat geheel of gedeeltelijk tot bewoning is bestemd. Het renovatie-abattement vormt hierdoor onmiskenbaar een fiscale stimulans om de private woningmarkt te vernieuwen. Ook natuurlijke personen en vennootschappen die als opbrengsteigendom een renoveerbaar pand wensen aan te kopen, om het te laten renoveren en vervolgens als private woning te verhuren, kunnen immers ook van de maatregel gebruik maken.

 

Impact van de afschaffing van het renovatie-abattement

Met de bedoeling om de belastingplichtige meer rechtszekerheid en transparantie te bieden, schaft het Ontwerp van decreet alle abbattementen af[3]. De Vlaamse Regering acht blijkbaar het voortbestaan van deze abattementen blijkbaar niet langer vereist, vermits de voorwaarden voor de toepassing van het nieuwe verlaagde tarief van 7% door het Ontwerp van decreet worden afgestemd op de voorwaarden die vandaag gelden voor het (gewoon) abattement[4]. De Vlaamse Regering lijkt daarbij te vergeten dat de voorwaarden van het renovatie-abattement niet op dezelfde leest zijn geschoeid als dit gewoon abattement (zie hierboven).

Natuurlijke personen en vennootschappen die als opbrengsteigendom een renoveerbaar pand wensen aan te kopen, om het te laten renoveren en vervolgens als private woning te verhuren, zullen vanaf 1 juni 2018 niet langer van het renovatie-abattement of een soortgelijke fiscale gunstmaatregel kunnen genieten. Hierdoor ontstaat de indruk dat de renovatie van renoveerbare panden minder belangrijk is geworden voor de Vlaamse Regering?!

 

[1] Art. 2.9.3.0.3 § 2, 1° van de Vlaamse Codex Fiscaliteit.

[2] De aangekochte panden moeten niet noodzakelijk woningen zijn, maar moeten na renovatie wel dienen als woning. Wordt een pand niet tot bewoning aangewend of bestemd op het moment van aankoop, dan beschikt de koper over een termijn van vijf jaar om ervoor te zorgen dat het pand als hoofdverblijfplaats wordt aangewend.

[3] Ar. 3, 2° van het ontwerp van decreet houdende wijziging van de Vlaamse Codex Fiscaliteit van 13 december 2013, wat betreft de hervorming van het verkooprecht en vereenvoudigingen in de registratiebelasting, goedgekeurd door de Vlaamse Regering in haar ministerraad van 16 maart  2018 (http://www.vlaanderen.be/nl/vlaamse-regering/beslissingenvlaamseregering (ministerraad van 16 maart 2018) (hierna ‘het Ontwerp van decreet’). Het Ontwerp van decreet doorloopt thans de behandelings- en goedkeuringsprocedure in het Vlaams Parlement.

[4] Memorie van Toelichting bij het Ontwerp van decreet, p. 3 (VR 2018 1603 DOC.0261/3) (http://www.vlaanderen.be/nl/vlaamse-regering/beslissingenvlaamseregering).


Schrijf je in voor onze nieuwsbrief

  • overheidsopdrachtenrecht
  • privaat aannemingsrecht
  • vastgoedrecht
  • vastgoedfiscaliteit
  • Ik heb de privacyverklaring gelezen en aanvaard